De liberalisatiegrens is de huurprijsgrens in Nederland die bepaalt of een huurwoning valt onder sociale huur, het gereguleerde middensegment of de vrije sector.
Inhoudsopgave
In 2026 gelden verschillende grensbedragen voor huurwoningen. De grens die gold op het moment van aanvang van het huurcontract bepaalt de status van de woning.
Sociale huur: tot en met € 900,07 per maand
Gereguleerd middensegment: € 900,08 tot en met € 1.184,82 per maand
Vrije sector: vanaf € 1.184,83 per maand
Deze bedragen zijn gekoppeld aan punten in het woningwaarderingsstelsel (WWS). Woningen boven de liberalisatiegrens vallen onder de vrije sector.
Sociale huur: tot en met € 932,93 per maand
Gereguleerd middensegment: € 932,94 tot en met € 1.228,07 per maand
Vrije sector: vanaf € 1.228,08 per maand
De grenshoogtes zijn aangepast per 1 januari 2026 en gebaseerd op de jaarlijkse herziening van huurprijsgrenzen door de overheid.
Weten hoe de huurprijs van je woning bepaald wordt? Duik dan snel in deze blog!
Of een woning wordt gezien als geliberaliseerd hangt af van:
Latere huurverhogingen veranderen de status van de woning niet.
| Jaar | Grensbedrag | Jaar | Grensbedrag |
| 2025 | 1184.82 | 2008 | € 631,73 |
| 2024 | €879,66 | 2007 | € 621,78 |
| 2023 | € 808,06 | 2006 | € 615,01 |
| 2022 | € 763,47 | 2005 | €604,72 |
| 2021 | € 752,33 | 2004 | € 597,54 |
| 2020 | € 737,14 | 2003 | € 585,24 |
| 2019 | € 720,42 | 2002 | € 565,44 |
| 2018 | € 710,68 | 2001 | ƒ 1.193,00 (€ 541,36) |
| 2017 | € 710,68 | 2000 | ƒ 1.149,00 (€ 521,39) |
| 2016 | € 710,68 | 1999 |
ƒ 1.107,00 (€ 502,33) |
| 2015 | € 710,68 | 1998 | ƒ 1.085,00 (€ 492,35) |
| 2014 | € 699,48 | 1997 | ƒ 1.085,00 (€ 492,35) |
| 2013 | € 681,02 | 1996 | ƒ 1.047,92 (€ 475,53) |
| 2012 | € 664,66 | 1995 | ƒ 1.007,50 (€ 457,18) |
| 2011 | € 652,52 | 1994 | ƒ 963,75 (€ 437,33) |
| 2010 | € 647,53 | ||
| 2009 | € 647,53 |
Tussen 1 juli 1989 en 1 juli 1993 gold de liberalisatiegrens alleen voor nieuwbouwwoningen. Voor bestaande woningen golden deze grenzen toen nog niet.
|
Jaar |
Huurprijs |
|
1993 |
> ƒ 913,33 (€ 414,45) |
|
1992 |
> ƒ 865,42 (€ 392,71) |
|
1991 |
> ƒ 820,00 (€ 372,10) |
|
1990 |
> ƒ 775,00 (€ 351,68) |
|
1989 |
≥ ƒ 750,00 (€ 340,34) |
De liberalisatiegrens bepaalt welk regime van toepassing is op een huurwoning:
Bij sociale huur gelden strikte wettelijke regels:
Maximaal toegestane huurprijs volgens het WWS
Mogelijkheid voor huurtoeslag
Sterke huurbescherming
In het middensegment gelden gedeeltelijke regels:
Beperkte prijsregulering
De huurder heeft huurbescherming, maar minder dan bij sociale huur
In de vrije sector zijn de regels soepeler:
Meer vrijheid bij huurprijsbepaling
Jaarlijkse huurverhoging binnen wettelijk maximum
Geen of beperkte huurbescherming
Leestip: Betaal jij te veel huur? Jongeren en studenten, opgelet!
Stel je voor dat Jan en Annette in 2026 een appartement huren met een aanvangshuurprijs van € 1.000 per maand.
Omdat deze huurprijs boven de sociale huurgrens (€ 932,93) ligt en onder de vrije sectorgrens (€ 1.228,07), valt de woning in het gereguleerde middensegment.
Dit betekent dat de huurprijs in beginsel moet passen bij het woningwaarderingsstelsel en dat bepaalde regels voor huurbescherming van toepassing blijven.
Nee, dat kan niet. De aanvangshuurprijs bij de start van het huurcontract is altijd leidend. Wanneer de huurprijs bij aanvang onder de liberalisatiegrens lag, blijft de woning gereguleerd, ook als de huur door jaarlijkse verhogingen boven de grens uitkomt.
Ligt de aanvangshuur onder de sociale huurgrens, dan valt de woning onder sociale huur. Ligt de huur tussen de sociale huurgrens en de liberalisatiegrens, dan valt de woning in het middensegment. Ligt de aanvangshuur boven de liberalisatiegrens, dan behoort de woning tot de vrije sector.
Wanneer de betaalde huur niet in verhouding staat tot het aantal punten volgens het woningwaarderingsstelsel, kun je een toetsing aanvragen bij de Huurcommissie. Als blijkt dat de woning onvoldoende punten heeft, kan de huurprijs worden verlaagd.