Inhoudsopgave
Wat voor woningen vallen hieronder
In de meeste gemeenten geldt een huisvestingsvergunning voor:
-
Sociale huurwoningen: huurwoningen met een maximale kale huurprijs tot € 932,93 per maand.
-
Middenhuurwoningen: huurwoningen met maximaal 186 punten volgens het woningwaarderingsstelsel (WWS) of een huurprijs tot ongeveer € 1.228,07 per maand.
Ook interessant: Je huurwoning onderverhuren; mag dat?
Waarom bestaat de huisvestingsvergunning?
Met een huisvestingsvergunning wil de gemeente:
-
zorgen dat sociale- en middenhuurwoningen beschikbaar blijven voor mensen met een laag of middeninkomen,
-
schaarse betaalbare woningen eerlijk verdelen,
-
en voorkomen dat deze woningen vooral worden toegewezen aan huishoudens met hoge inkomens.
Voorbeeld
Jan, een leraar, en Kim, een verpleegkundige, willen verhuizen naar een sociale huurwoning in hun gemeente. Hun inkomen valt binnen de gestelde inkomensgrenzen en zij kunnen economische of maatschappelijke binding aantonen met de gemeente. Na beoordeling door de gemeente krijgen ze de huisvestingsvergunning, zodat ze de woning mogen huren.
Gemeentelijk bepaald
De specifieke eisen voor een huisvestingsvergunning verschillen per gemeente. Gemeenten bepalen zelf:
-
of een vergunning verplicht is,
-
welke inkomensnormen en criteria gelden,
-
of binding met de gemeente een rol speelt.
In veel gemeenten hoeft de huurder de vergunning niet zelf aan te vragen als hij via een woningcorporatie huurt; de corporatie regelt dit vaak automatisch.
Hoe vraag je een huisvestingsvergunning aan?
Hoewel de precieze procedure per gemeente kan verschillen, zijn de stappen globaal:
-
Check of de vergunning nodig is
Controleer bij de gemeente of de woning waarvoor je interesse hebt een huisvestingsvergunning vereist. -
Verzamel je gegevens
Vaak moet je inkomensgegevens, gezinssamenstelling en een kopie van een huurcontract of een verklaring van de verhuurder aanleveren. -
Dien de aanvraag in
Je kunt de aanvraag meestal online indienen via de website van de gemeente of via een formulier dat je fysiek inlevert. -
Wacht op goedkeuring
De gemeente beoordeelt je aanvraag en laat weten of de vergunning wordt verleend.
Binding met de woonplaats
In veel gemeenten kan binding met de gemeente een rol spelen bij de beoordeling:
-
Economische binding: je werkt of studeert in de gemeente of regio.
-
Maatschappelijke binding: je hebt er langere tijd gewoond of wilt er graag terugkeren.
Deze vormen van binding kunnen je kansen op een vergunning verbeteren, afhankelijk van het gemeentebeleid.
Passendheid
Je toekomstige woning moet passen bij je inkomen en je huishoudsamenstelling. Als je inkomen hoger is dan de inkomensgrenzen die de gemeente hanteert, kun je mogelijk geen huisvestingsvergunning krijgen voor woningen met een lage huur.
Urgentie
Sommige gemeenten kennen urgentieregelingen. Dit zijn speciale redenen waarvoor je versneld een huisvestingsvergunning kunt krijgen, zoals:
-
medische redenen,
-
een problematische woonsituatie,
-
herstructurering of andere bijzondere omstandigheden.
Deze voorwaarden verschillen per gemeente.
Gemeenten zonder huisvestingsvergunning en wat dit betekent
Niet elke gemeente werkt met een huisvestingsvergunning. Er bestaat geen vaste landelijke lijst van gemeenten waar deze vergunning niet nodig is, omdat elke gemeente dit zelf bepaalt via de huisvestingsverordening.
In de praktijk geldt dat vooral grotere steden en gebieden met woningdruk een huisvestingsvergunning hanteren. In kleinere gemeenten en landelijke regio’s is dit vaak niet verplicht, maar dit kan per gemeente verschillen en in de tijd veranderen.
In gemeenten waar geen huisvestingsvergunning nodig is, kun je je direct inschrijven bij een woningcorporatie om kans te maken op een sociale huurwoning. De woningcorporatie bepaalt vervolgens zelf de voorwaarden. Denk aan eisen rondom inkomen, huishoudgrootte of urgentie.
Ook zonder huisvestingsvergunning betekent dit niet dat iedereen automatisch in aanmerking komt. Je moet nog steeds voldoen aan de criteria van de woningcorporatie.