Wanneer ben je inwonend?

Je bent inwonend als je feitelijk bij iemand anders woont zonder zelf de hoofdhuurder of eigenaar van de woning te zijn.

Denk bijvoorbeeld aan iemand die bij zijn ouders, partner, familielid of vriend woont. Of je juridisch ook huurder, onderhuurder of medehuurder bent, hangt af van de afspraken en je woonsituatie.

Inwonend is geen aparte wettelijke woonstatus

De term ‘inwonend’ wordt veel gebruikt, maar kent niet één vaste wettelijke definitie voor alle situaties.

 

Je bent dus niet automatisch inwonend omdat je geen eigen voordeur, keuken of badkamer hebt. Dat soort kenmerken zijn bijvoorbeeld wel relevant om te bepalen of sprake is van een zelfstandige of onzelfstandige woonruimte.

 

Bij inwoning gaat het vooral om de situatie waarin je je hoofdverblijf bij iemand anders hebt en niet zelf de hoofdhuurder of eigenaar bent.

Voorbeelden van inwoning

Inwoning kan bijvoorbeeld voorkomen wanneer je:

  • bij je ouders woont;
  • bij je partner intrekt zonder dat het huurcontract op jouw naam staat;
  • bij familie of vrienden woont;
  • als huisgenoot bij een hoofdhuurder woont zonder zelf op het hoofdhuurcontract te staan.

 

Of daarnaast sprake is van huur, onderhuur of medehuur hangt af van de afspraken die zijn gemaakt.

Drie vrouwelijke huisgenoten

Moet je je als inwonende inschrijven bij de gemeente?

Woon je daadwerkelijk op het adres? Dan moet dat adres in principe ook je woonadres in de Basisregistratie Personen (BRP) zijn. Een BRP-inschrijving laat zien waar je volgens de gemeente woont. De inschrijving maakt je echter niet automatisch huurder of medehuurder van de woning.

 

Voor bijvoorbeeld huurtoeslag telt iemand die op hetzelfde woonadres staat ingeschreven meestal mee als medebewoner. Het inkomen en vermogen van die persoon kunnen daardoor meetellen bij de berekening van de huurtoeslag.

Lees ook: Samenwonen: wat komt erbij kijken?

Heb je als inwonende huurrechten?

Dat hangt af van je situatie. Alleen ergens wonen betekent niet automatisch dat je zelfstandig huurder bent. Heb je bijvoorbeeld een huurovereenkomst met de hoofdbewoner en betaal je huur voor een kamer? Dan kan sprake zijn van onderhuur of kamerverhuur.

 

Daarbij kunnen wel degelijk huurrechten gelden. Een huurafspraak hoeft bovendien niet altijd schriftelijk te zijn. Ook mondelinge huurafspraken kunnen geldig zijn, al zijn die vaak moeilijker te bewijzen.

Ben je automatisch medehuurder?

Nee. Iemand die bij de hoofdhuurder intrekt, wordt niet automatisch medehuurder.

Voor echtgenoten en geregistreerde partners gelden bijzondere regels. Andere bewoners kunnen onder voorwaarden medehuurder worden, bijvoorbeeld wanneer sprake is van een duurzame gemeenschappelijke huishouding.

 

Alleen inschrijving op hetzelfde adres of het delen van woonlasten is daarvoor niet altijd voldoende.

Gerelateerd:

Moet de verhuurder toestemming geven?

Dat hangt af van het huurcontract en de manier waarop iemand bij je woont.

Voor normaal logeren is doorgaans geen aparte toestemming nodig. Trekt iemand structureel bij je in, dan kunnen bepalingen in het huurcontract, gemeentelijke regels of regels over overbewoning wel een rol spelen.

 

Controleer daarom het huurcontract en bespreek de situatie met de hoofdhuurder of verhuurder als daar afspraken over in staan.

Inwoning kan gevolgen hebben voor huurtoeslag

Voor de huurtoeslag geldt iemand die op hetzelfde woonadres staat ingeschreven meestal als medebewoner. Het inkomen en vermogen van een medebewoner kunnen meetellen voor de huurtoeslag van de huurder. Een onderhuurder met een geldige onderhuursituatie kan onder voorwaarden buiten deze berekening vallen.

 

De inwonende persoon kan niet automatisch zelf huurtoeslag aanvragen voor dezelfde woning. Voor huurtoeslag moet je onder andere zelf een zelfstandige woonruimte huren en aan de overige voorwaarden voldoen.

Inwonend of onderhuurder?

Betaal je huur aan de hoofdhuurder voor een kamer of deel van de woning? Dan kan juridisch sprake zijn van onderverhuur in plaats van alleen inwoning.

Dat verschil is belangrijk, omdat een onderhuurder bepaalde huurrechten kan hebben. Welke bescherming geldt, hangt onder andere af van het soort woonruimte en van wie je huurt.

Wanneer ben je dus inwonend?

Je bent in de praktijk inwonend wanneer je je hoofdverblijf hebt in de woning van iemand anders en zelf niet de hoofdhuurder of eigenaar bent. Dat zegt op zichzelf nog niet welke huurrechten je hebt.

 

Daarvoor moet je kijken naar je huurafspraken, eventuele betalingen, je relatie tot de hoofdhuurder, je BRP-inschrijving en de vraag of sprake is van medehuur of onderhuur.

Terug naar overzicht