Sociale huurgrens

De sociale huurgrens is het maximale bedrag dat een woning mag kosten om als sociale huurwoning te worden aangemerkt. In 2025 is deze grens vastgesteld op €932,93 per maand. Woon je onder dit bedrag, dan val je in de categorie sociale huur. Deze woningen zijn bedoeld voor mensen met een beperkt of middeninkomen, zodat zij toegang hebben tot betaalbare woonruimte.

Inhoudsopgave

Waarom bestaat de sociale huurgrens

De sociale huurgrens is in het leven geroepen om mensen met een lager inkomen te beschermen tegen hoge woonlasten. De druk op de woningmarkt is groot, vooral in stedelijke gebieden waar huren snel stijgen. De grens zorgt ervoor dat er een deel van de markt beschikbaar blijft voor wie het financieel minder ruim heeft.

Wat is het verschil tussen sociale huur en vrije sector

Sociale huur

  • Huurprijs (kale huur) tot €932,93 (in 2026)
  • Gericht op huishoudens met bescheiden inkomen
  • Huurprijzen zijn gereguleerd
  • Vaak in beheer van woningcorporaties
  • Mogelijk recht op huurtoeslag (afhankelijk van voorwaarden)

Vrije sector

  • Huurprijs boven €932,94
  • Geen maximale huurprijsregeling
  • Meestal particuliere verhuurders
  • Geen recht op huurtoeslag uitsluitend op basis van deze huurgrens

Hoe wordt de sociale huurgrens vastgesteld

De sociale huurgrens wordt elk jaar geïndexeerd op basis van onder andere inflatie en marktomstandigheden. Het woningwaarderingsstelsel (WWS) blijft een rol spelen bij de bepaling van het maximale toegestane puntentarief en huurprijs van individuele woningen.

Voor wie zijn sociale huurwoningen bedoeld

Sociale huurwoningen zijn bedoeld voor huishoudens met een beperkt inkomen. Per 1 januari 2026 gelden de volgende inkomensgrenzen voor toewijzing via woningcorporaties:

  • Eenpersoonshuishouden: maximaal € 51.537
  • Meerpersoonshuishouden: maximaal € 56.910

Daarnaast speelt passend toewijzen: corporaties moeten woningen toewijzen die passen bij het inkomen en de huurprijs van het huishouden.

Huurtoeslag en de sociale huurgrens

Vanaf 2026 vervalt de strikte maximumhuurgrens als voorwaarde voor huurtoeslag. Dat betekent dat je nu ook met een hogere huur in aanmerking kunt komen voor toeslag, mits je inkomen en andere voorwaarden voldoen. De Belastingdienst rekent de toeslag uit op basis van de kale huur tot een berekeningsgrens (bijvoorbeeld € 932,93 voor volwassenen) maar sluit je niet langer automatisch uit als je boven die grens huurt.

Belangrijke veranderingen huurtoeslag 2026:

  • De huurprijslimiet voor recht op huurtoeslag vervalt.
  • Alleen de kale huur telt mee voor de berekening van de toeslag; servicekosten tellen niet mee.
  • Jongeren vanaf 21 jaar kunnen volledig huurtoeslag krijgen (voorheen 23 jaar).

Toewijzing door woningcorporaties

Toewijzing gebeurt op basis van inschrijfduur, inkomen, passendheid van de woning en soms urgentie. In grote steden kunnen de wachttijden zeer lang zijn door schaarste op de woningmarkt.

Voor- en nadelen van de sociale huurgrens

Het systeem van de sociale huurgrens heeft zowel voordelen als nadelen voor huurders:

Voordelen

  • Betaalbare woonruimte voor huishoudens met beperkt inkomen
  • Mogelijk recht op huurtoeslag (nu ruimer toegankelijk)
  • Huurprijsregulering biedt bescherming tegen scherpe prijsstijgingen

Nadelen

  • Grote vraag en beperkte beschikbaarheid
  • Als je inkomen stijgt boven de inkomensgrens kun je geen sociale huurwoning meer krijgen
  • Langere wachttijd voor veel zoekenden